Home

spaccanapoli-748667_640

 

In de roman De geniale vriendin (2011) van Elena Ferrante speelt school een belangrijke rol. De roman gaat over een vriendschap tussen twee slimme meisjes, die opgroeien in een arme, gewelddadige en geïsoleerde buurt in Napels. Aan het begin van de lagere school worden de twee vriendinnen. Ze vinden elkaar in hun slimheid. School tilt hen op, maar is tegelijkertijd een plaats van vervreemding. Een vreemd element in een buurt waarin de mensen moeten sappelen om rond te komen, waarin voor boeken en studie geen plaats is.

Lila, de geniale vriendin van Elena, de ik-figuur, is stout en onverschrokken en ze is iedereen te slim af. Wanneer op school blijkt dat zij zichzelf al als kleuter heeft leren lezen en schrijven, raakt de juffrouw in haar geïnteresseerd. Ze begint haar te prijzen en Lila wordt de ster van de klas. Ze laat Lila vaker naast zich zitten, een privilege dat eerst vooral Elena ten deel viel. Die legt zich erbij neer dat ze niet langer de knapste van de klas is. Met Lila valt niet te concurreren, en Elena besluit dat ze dit meisje als gids moet zien. Het is een prachtig boek met veel verschillende lagen. Twee thema’s wil ik uitwerken. Het eerste is kort samen te vatten als: het is een sociaal proces of talenten prestaties worden; het tweede gaat over de moeilijkheden die jongeren ondervinden wanneer ze hun milieu van herkomst achter zich laten.

Schoolprestaties kunnen fluctueren en zijn afhankelijk van de wil om te leren en van de omgang die je met anderen hebt. Wat kinderen in een klas met hun mogelijkheden doen, wordt sterk beïnvloed door hun contacten met mensen om hen heen. Wanneer Lila en Elena door leraren geprezen worden en lof krijgen toegezwaaid, gaan ze met sprongen vooruit. Wanneer ze elkaar enthousiasmeren, elkaar helpen of elkaar beconcurreren gebeurt hetzelfde. Na de lagere school gaan de twee vriendinnen gescheiden wegen. Elena’s ouders laten zich met veel aarzeling overtuigen dat hun dochter moet doorleren, maar de ouders van Lila vinden dat niet nodig. Ze laten zich niet vermurwen, niet door Lila’s cijfers, niet door haar prachtige opstellen en vindingrijke wiskundeprestaties. De juffrouw vindt dit verwerpelijk en laat Lila verder links liggen. Zodra het tot Lila doordringt dat dit echt het einde van haar schoolcarrière is, gaan haar prestaties achteruit en raakt ze haar levendigheid en haar lef kwijt. Bij het eindexamen haalt Elena alleen maar tienen, terwijl Lila negens en achten heeft. Na een reeks heftige ruzies met haar vader, mag Lila toch een opleiding volgen. Niet de ‘echte’ middelbare school, maar iets met boekhouden en huishoudkunde. Maar ze verzuimt vaak, is snel klaar met de opdrachten en gaat dan haar klasgenoten lastig vallen. Ze wordt ziek en zakt voor het examen. ‘Ik ben expres gezakt’, zegt ze tegen Elena. ‘Ik wil niet meer naar school, naar geeneen.’ Ze heeft het opgegeven: ‘Ik haal niks meer, ik krijg hoofdpijn van boeken.’

Ook Elena’s prestaties hebben ervan te lijden dat ze niet langer met haar vriendin kan concurreren, en dat ze zich niet meer aan haar kan optrekken. Ze mist het plezier dat ze met zijn tweeën aan leren beleefden. ‘Alleen wat Lila aanraakte werd belangrijk, Lila kon overal leven inblazen.’ De twee vriendinnen blijven elkaars vertrouwelingen, maar hun levens gaan steeds meer van elkaar verschillen.

Het is een fysieke en sociale verwijdering, waaronder Elena toenemend heeft te lijden. Haar school staat buiten de buurt, maar binnen de buurt is met schoolprestaties geen eer in te leggen. Daar draait het om liefdes en verlovingen, om seksuele aantrekkingskracht en het vermogen een goede partij aan zich te binden. Haar ouders zijn ambivalent over de prestaties van hun dochter. Ze zijn trots, maar maken zich ook zorgen over haar toekomst. Haar vriendin Lila lukt het om op haar 16e jaar met een jongen met geld te trouwen, met Stefano uit de kruidenierswinkel. Zelf is ze ‘verloofd’ met Antonio, een jongen uit de buurt, met wie ze haar eerste seksuele ervaringen heeft. Maar ze neemt deze verloving niet serieus en haar hart gaat uit naar de slonzige, politiek bewuste intellectueel, ook een gymnasiast uit de buurt. Hem ziet ze als de enige die haar naar een andere wereld kan leiden.

De laatste hoofdstukken gaan over de bruiloft van Lila en Stefano. Ze laten het dieptepunt van Elena’s vervreemding zien. Samen met haar vrienden en vriendinnen uit de buurt gaat ze naar de bruiloft, maar in de auto onderweg vraagt ze zich al af wat ze daar doet. Wat heeft ze met deze mensen nog te maken? ‘Niets van wat ik elke dag leerde, kon ik bij hen gebruiken, ik moest me inhouden, mezelf in zekere zin omlaaghalen.’ Haar eigen verscheurdheid is ook bij haar moeder zichtbaar. Die had liever niet gewild dat haar dochter naar het gymnasium ging, maar nu ze dat toch doet wil ze niet dat ze met Antonio gaat. Ze vindt dat ze door haar school beter is geworden dan de jongens en meisjes uit de buurt.

Elena’s vrienden en familie raken steeds verder weg, haar hele manier van leven staat op het spel, en zelfs haar diepe vriendschap met Lila heeft er onder te lijden. Maar haar grote schrikbeeld is dat ze net zo zal worden als haar moeder. Ze is vastbesloten om weg te vluchten uit de wereld waar ze is opgegroeid, ook al is dat zelfs Lila niet gelukt. Ze prent zich goed in dat ze de beste is in Grieks, Latijn en Italiaans, en ze probeert haar moeder uit te gummen.

In De geniale vriendin komen onderwijssociologische onderwerpen met veel verbeeldingskracht aan de orde. Allereerst: schoolprestaties staan of vallen met de contacten die kinderen hebben. Wat Ferrante daarover schrijft is herkenbaar voor iedereen die naar school is gegaan en het maakt de vroege selectie in het Nederlandse onderwijsstelsel extra schrijnend. Het streven om kinderen zo jong mogelijk in een zo hoog mogelijke theoretische opleiding te krijgen ontneemt een deel van hen de gelegenheid om hun talenten te ontwikkelen.

Maar Ferrante laat ook de schaduwkanten van een gang naar het gymnasium zien: sociale stijging gaat gepaard met vervreemding en pijnlijkheidsgevoelens. Ze laat zien wat het betekent als kinderen door hun school van familie en vrienden worden gescheiden. Ze laat ook zien hoe doorleren en trouwen tegenover elkaar worden gezet. Dat klinkt als iets van vroeger, maar in sommige kringen is dat nog steeds actueel. Om met een recent Nederlands voorbeeld te besluiten: Een jonge vrouw uit een Marokkaans gezin, die net rechter is geworden, loopt met haar moeder over straat. Ze komen een buurman tegen die met enige ergernis tegen de moeder zegt: ‘Wanneer gaat je dochter nu eindelijk trouwen?’ De jonge rechter staat er zwijgend naast.

Zie ook mbo2025

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s